Procentberekening
Gebruik de regel van drie. Noteer de correcte antwoorden op een blaadje papier. Deze heb je steeds nodig!
- 10 leerlingen
- 20 leerlingen
- 30 leerlingen
- 40 leerlingen
- 50 leerlingen
10 leerlingen in procent omzetten: afronden op één cijfer na de komma!
20 leerlingen in procent omzetten: afronden op één cijfer na de komma!
30 leerlingen in procent omzetten: afronden op één cijfer na de komma!
40 leerlingen in procent omzetten: afronden op één cijfer na de komma!
50 leerlingen in procent omzetten: afronden op één cijfer na de komma!
Zet het procent van vraag 1 (10 leerlingen) om in een cirkeldiagram (360°): getallen afronden zonder komma!
Zet het procent van vraag 2 (20 leerlingen) om in een cirkeldiagram (360°): getallen afronden zonder komma!
Zet het procent van vraag 3 (30 leerlingen) om in een cirkeldiagram (360°): getallen afronden zonder komma!
Zet het procent van vraag 4 (40 leerlingen) om in een cirkeldiagram (360°): getallen afronden zonder komma!
Zet het procent van vraag 5 (50 leerlingen) om in een cirkeldiagram (360°): getallen afronden zonder komma!
Zet het procent van vraag 1 (10 leerlingen) om in een staafdiagram (50cm): getallen afronden zonder komma!
Zet het procent van vraag 2 (20 leerlingen) om in een staafdiagram (50cm): getallen afronden zonder komma!
Zet het procent van vraag 3 (30 leerlingen) om in een staafdiagram (50cm): getallen afronden zonder komma!
Zet het procent van vraag 4 (40 leerlingen) om in een staafdiagram (50cm): getallen afronden zonder komma!
Zet het procent van vraag 5 (50 leerlingen) om in een staafdiagram (50cm): getallen afronden zonder komma!